Parool (15-06-2018)

Berichtje sturen, vliegtuig in en klik

My Name is Sander Dekker doet onherroepelijk denken aan Diane Arbus. De in 1971 overleden New Yorkse fotografeerde dwergen, nudisten, transgenders en circusvolk. Ze gaf een gezicht aan mensen in de marge, die als freak werden beschouwd. Met keihard flitslicht zette zij ze haarscherp neer, niet altijd even flatteus. Met haar werk gaf Arbus de documentairefotografie een duw in een nieuwe richting. Ze maakte school. Larry Clark publiceerde fotoboeken over jeugdige drugsgebruikers. Larry Sultan kwam later met foto’s van woningen die gebruikt worden als sets voor pornofilms.

Net als Arbus, Clark en Sultan is Sander Dekker een kind van zijn tijd. Hij zoekt zijn modellen niet in smoezelige achterbuurten maar doet research op internet. Op sociale media stuit hij bijvoorbeeld op een getatoeëerde bodybuilder met een voorliefde voor accordeon of een jonge schilder die woont en werkt in een bouwvallig fabriekspand. Hij stuurt ze een berichtje, springt in het vliegtuig en staat dan ‘out of the blue’ voor de deur van wildvreemden.

You only live once

Dekkers fotosessies duren een tot anderhalf uur. Er is niets voorbereid. De fotograaf doet het met wat en wie hij aantreft. Het gaat om de magie en chemie van het moment. Het is als een blind date met camera, waar de uitbundige sfeer van een yolo- feestje omheen hangt.

The Project is de verzamelnaam van de foto’s die Dekker sinds 2011 maakt en waarvan een deel nu te zien is bij Torch. Er is veel expliciet bloot te zien. Een kont steekt uit boven de badkuip, een meisje met openvallende jas zit verveeld in een atelier, een ander meisje poseert als veelarmige hindoegodin. De portretten ogen als kruising tussen geënsceneerde fotografie en snapshots, het consequent gebruik van zwart-wit knipoogt weer naar de documentairetraditie.

Maar het grote verschil met de outcasts die Arbus vastlegde en daarmee emancipeerde, is dat Dekkers modellen geen enkele behoefte hebben aan normalisering en acceptatie. Zij dragen hun ‘freak’-button met trots. Zij wentelen zich in hun niche, etaleren hem. Ze staan er misschien soms op in vreemde poses maar nooit ongunstig, zoals dat wel gebeurde bij Arbus. Daarvoor zijn ze te zelfbewust.

In het Instagramtijdperk lijken sensatie en schaamte verdwenen en bestaat enkel nog exposure.

– Edo Dijksterhuis